Amsterdam-spits Roderik Huber kampt met een knieblessure. Afgelopen vrijdag heeft de aanvaller in het ziekenhuis een mri laten maken. Op de scan werd duidelijk dat de stagespeler van het Nederlands team een scheurtje in zijn meniscus heeft. Ondanks zijn blessure maakt Huber zich op voor de topper tegen Bloemendaal van komende zondag.
Vanwege een knieblessure kwam Roderik Huber afgelopen zondag tijdens de derby tegen Pinoké niet in actie. Foto: Archief Jeroen van Bergen.
De 21-jarige Huber loopt al een tijdje met de knieblessure rond. "Al voor de Europa Cup had ik wel eens last. We dachten in eerste instantie dat het een spierblessure was. Na wat massages en behandelingen ging het wel." Maar vorige week tijdens een training met het Nederlands elftal keerde de pijn terug. "Het zat niet lekker en toen heeft de fysio mij doorgestuurd naar het ziekenhuis voor een mri", aldus Huber.
Voordelig
Op de scan werd duidelijk dat er een scheurtje in zijn meniscus zit. Op 10 mei gaat Huber onder het mes. Mocht Amsterdam alsnog doordringen tot de play-offs, dan zal de spits in overleg gaan met zijn behandelend arts zijn operatie waarschijnlijk uitstellen. "Want wie weet moeten we na dit weekend nog wel zes wedstrijden spelen. Dat is afwachten. Dan moet alles alleen wel heel voordelig voor ons uitpakken komend weekend."
Kans
Huber doet geen voorspellingen over het afsluitende competitieweekend. "De kans dat wij zondag van Bloemendaal winnen en Stichtsche van Tilburg verliest, is klein. Het is te hopen dat die jongens van Tilburg hun best gaan doen. Maar voor hun staat er ook nog genoeg op het spel." Afgelopen zondag tegen Pinoké bleef de krachtige aanvaller nog uit voorzorg langs de lijn. Maar tegen Bloemendaal zegt hij - ondanks zijn pijnlijke knie - weer van de partij te zijn. (Marcia de Goede)